A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X - Y - Z

LEXICON

 V          

 

Vachara Asana (ÇѪÃÍÒʹì)

Sanskriet-Thais. De bodhimanda of exacte plaats onder de bodhiboom, waar de Boeddha de Verlichting bereikte, en die later gemarkeerd werd door een thaen, Vachara Asana genoemd, en die geplaatst is tussen de bodhiboom en de zgn. Boeddhagaya Chedi, gebouwd door keizer Asoka.

vahana (वह)

Sanskriet. 'Voertuig' of 'dragen', 'steunen'. Het rijdier van een god, zoals de Garoeda de vahana is van de god Vishnoe, en Airavata de vahana van Indra.

Vairochana (वैरोचन)

Sanskriet. 'Verlichting' of 'zon'. De Javaanse Adi-Boeddha en één van de vijf jina's of transcendente boeddha's uit het Vajrayana boeddhisme. Hij heeft een positie in het midden van een mandala en maakt het gebaar van opperste wijsheid door de rechterwijsvinger in de linkervuist te houden terwijl de linkerduim naar boven wijst. Zijn symbolen zijn het wiel en de zon. Soms Vairocana getranscribeerd. Ook Mahavairochana.

Vaishnava (वैष्णव)

Sanskriet. 'Aanbidders van Vishnoe'. Sekte van diegenen die Vishnoe als de belangrijkste god beschouwen en waarvan men de volgelingen -meestal in India- kan herkennen aan een verlengd U-vormig teken op hun voorhoofd.

Vaishya (वैश्य)

De derde van de vier belangrijke hindoestaanse kasten (varna) in India bestaande uit handelaars, landbouwers en herders. Ook Vaisya.

Vaisravana (वैश्रवण)

Sanskriet. Beschermer van de noordelijke richting. In het Thais Phra Paisarop en Wetsuwan. Zie ook Kubera.

Vajiravudh (ǪÔÃÒÇØ¸)

Thais. 'Gewapend met een vajra'. Naam van Rama VI en een benaming voor de Vedische god Indra. Ook Wachirawut.

Vajirunhis (ǪÔÃØ³ËÔÈ)

Zie Wajirunhit.

vajra (वज्र)

Sanskriet. 'De harde' of 'de machtige'. Een term gebruikt om een scepter, diamant of bliksemschicht mee aan te duiden en die onverwoestbaarheid suggereert. In het Vajrayana boeddhisme is dit het belangrijkste symbool en vertegenwoordigt absolute waarheid. In het hindoeïsme wordt de bliksemschicht door verscheidene goden gehanteerd, waaronder Indra. In Thailand heeft de bliksemgod Mekala een bliksemschicht in de hand. In het Thais gekend onder de naam wachira.

Vajradhara (वज्रधर)

Sanskriet. 'Hanteerder van de vajra'. Een voorstelling van de Adi-Boeddha, gewoonlijk gekroond en met juwelen. In Nepal en Tibet wordt hij vertoond met zijn vrouwelijke tegenhangster en in de Khmer-kunst houdt hij een vajra en een bel met de handen gekruist vóór zijn borst.

Vajrapani (वज्रपाणि)

Sanskriet. 'Drager van de vajra'. Een bodhisattva in het Vajrayana boeddhisme. Hij draagt een vajra in de hand, soms in kombinatie met twee lotussen en een bel. In het Mahayana boeddhisme wordt hij door sommigen aanzien als Avalokitesvara.

vajrasana (वज्रआसन)

Sanskriet. 'Diamanten troon'. Een asana in zowel de boeddhistische als hindoeïstische iconografie, waarbij de benen gebogen op elkaar liggen met de voeten rustend op het tegenovergestelde dijbeen, de voetzolen opwaarts.

Vajrasattva (वज्रसत्त्व)

Sanskriet. 'Iemand wiens essentie vajra is'. Godheid die in het Vajrayana boeddhisme het grondbeginsel is van onschuld en verlossing, en wiens rol gelijk is aan die van Vajradhara. In de Khmer-kunst houdt hij een vajra tegen zijn borst en een bel tegen zijn linkerheup.

Vajrayana (वज्रयान)

Sanskriet. 'Diamanten voertuig'. Een sekte van het Mahayana boeddhisme die ontstond in de 4de eeuw AD en belangrijk was in Noordoost-India, van waaruit het zich naar Nepal, Tibet en Oost-Azië verspreidde. Het stimuleerde hoog ontwikkelde rituele vereringspraktijken waarbij mantra's en mandala's werden gebruikt, yoga werd toegepast, en harmonie met de universele geest werd nagestreeft. Ook gekend als Mantrayana.

Vali (वाली)

Sanskriet. Een andere naam voor Valin.

Valin (वालिन्)

Sanskriet. 'Een staart bezittend'. Koning der apen, de zoon van Indra, broer van Sugriva. Zijn gemalin is Tara en zijn zoon Angada. In de Thaise Ramakien is hij gekend als Bali. Ook Vali genoemd.

Valmiki (वाल्मीकि)

Auteur van het Indische epos Ramayana, het 'Verhaal van Rama', dat meer dan 2.500 jaar geleden geschreven werd en zo'n 24.000 verzen bevat. MEER HIEROVER.

Vamana (वामन)

Sanskriet. 'Dwerg'. De vijfde avatar van de god Vishnoe in de gedaante van een dwerg, alsook één van de twaalf Aditya's en een jongere broer van Indra.

Vanaspati (वनस्पति)

1. Sanskriet. 'Heer van de jungle'. Een gedaante van Shiwa in de mythologie van het hindoeïsme. In Thailand gekend als Panaspati.

2. Sanskriet. Het rijk der planten.

varaan

Naam van een meer dan twee meter lang, gedeeltelijk in het water levend, tropisch reptiel met een ruwe huid, een gespleten tong en gekromde klauwen (fig.), dat behoort tot de familie varanus, waarvan er talrijke soorten bestaan. Ze gebruiken hun slangachtige tong om smaken waar te nemen door geurdeeltjes in de lucht op te vangen, t.t.z. verdampte moleculen, en voor navigatie in het donker. Om de geurdeeltjes te interpreteren beschikken ze over een gevoelig orgaan op hun gehemelte, het vomeronasaal orgaan of orgaan van Jacobson, wat hen toelaat om te bepalen uit welke richting een geur komt en waarmee geuren tot meer dan een kilometer ver weg kunnen worden opgevangen. Doordat de tong wordt uitgestoken blijven er geurdeeltjes op kleven en wanneer de tong terug in de mond gaat strijkt deze langs de holte met het orgaan van Jacobson. Door met de tong op en neer te bewegen, worden deze geurdeeltjes telkens opnieuw opgenomen en roepen na analyse door de hersenen een bepaalde herkenning op, hetzij van aas of van een prooi, of van een vijand, waardoor het dier alerter wordt. Hun neusgaten daarentegen dienen enkel om te ademen, niet om te ruiken, en naar achter toe op hun hoofd zitten twee grote gaten om te horen (fig.). Het zijn ten volle carnivoren, die zich voornamelijk voeden met aas maar daarnaast ook met vis (fig.), krabben, insecten, weekdieren, eieren, slangen en zelfs soortgenoten en afval. Aangezien het koudbloedige dieren zijn dienen ze niet voortdurend brandstof te verbranden om hum lichaamstemperatuur op peil te houden, zoals warmbloedige dieren dat dienen te doen, waardoor ze doeltreffender gebruik kunnen maken van hun voedsel en dus minder dienen te eten. Ze komen algemeen voor in geheel Zuidoost-Azië en verblijven voornamelijk in de nabijheid van zowel zoet als brak en zout water (fig.). Het zijn uitstekende zwemmers die zich voortbewegen door golvende bewegingen te maken met hun staart, die tevens als roer dienst doet, terwijl ze hun poten stil tegen het lijf houden (fig.). Een goede plaats om ze te observeren is nabij kanalen en, meer gerieflijk, in de vijvers van het Lumphini Park en het park van de Dusit Zoo (fig.) te Bangkok. In het Thais takuad en hia of tua ngun tua thong genoemd, afhankelijk va de soort.

varada (वरदा)

Sanskriet. 'Verlenen van wensen'. Eén van de meest voorkomende moedra's in de hindoeïstische en boeddhistische iconografie, waarin de hand is uitgestoken met de open palm naar voren gericht en de vingers naar beneden wijzend. Het duidt op het uitdelen van gunsten en komt voor bij zowel gezeten als staande beelden, meestal met de rechterhand maar soms ook met de linker (fig.).

varaha (वराह)

Sanskriet. 'Beer' of 'mannetjesvarken'. Eén van de avatars van de god Vishnoe in de gedaante van een mannetjesvarken.

Vardhamana (वर्धमान)

Sanskriet. 'Hij die vermeerdert' of 'hij die doet toenemen'. Een tirthankara en de stichter van het jainisme die later de titel Mahavira kreeg. Hij werd geboren in een koninklijke familie, vermoedelijk in 599 VC, in dezelfde regio van Noord-India als de Boeddha. Hij reisde en predikte dertig jaar lang en stierf in 527 VC op 72-jarige leeftijd.

varken

Borstelig, allesetend, evenhoevig zoogdier met een brede snuit, dat vaak voorkomt in de Oosterse mythologie, t.t.z. in het hindoeïsme was een beer (varaha of mannetjesvarken) een avatar van de god Vishnoe; in de Chinese traditie is het varken één van de dieren in de Chinese zodiak; en Zhu Bajie is een man met een varkensgestalte (fig.) uit het verhaal Xiyouji, beter gekend als de 'Reis naar het Westen', die tevens verantwoordelijk is voor het schoonmaken van de altaren in boeddhistische tempels, waar regelmatig gekookte varkenskoppen worden geofferd. Zie ook lao moe.

varman (वर्मन्, ÇÃÁѹ)

Sanskriet-Khmer-Thai. 'Beschermd door'. Een titel gebruikt door verscheidene heersers, voornamelijk door Khmer-koningen.

varna (वर्ण)

Sanskriet. Letterlijk betekent varna 'kleur', maar de wordtel van het woord (vrn) betekent 'kiezen' en het verwijst meestal naar een 'kaste' of 'klasse', d.i. het kastestelsel of het systeem van de afgesloten sociale klassen in het hindoeïsme, bestaande uit vier kasten. Dit zijn de Brahmanen, de geleerde klasse; Kshatriya, de koninklijke of krijgersklasse; Vaishya, de kaste van handeldrijvers; en Shudra, de kaste van landbouwers en de dienende klasse.

Varuna (वरुण)

Sanskriet. De vedische god der wateren en beschermer van de westelijke richting. Zijn vahana of rijdier is de makara of de krokodil. Zijn gemalin is Varuni, ook gekend als Madira.

Varuni (वारूणी)

Godin van de wijn en de shakti van Varuna. Ze is ook gekend als Madira. Zie eveneens Sura.

Vasudeva (वसुदेव)

Vader van Krishna.

Vasuki (वासुकि)

Andere benaming voor Ananta, koning der slangen of naga's. Eveneens gekend als Shesha.

vat

Cambodjaans of Khmer-woord voor tempel. In het Thais wat.

Vayu (वायु)

Sanskriet. 'Wind' of 'lucht'. De vedische god van de wind of lucht en beschermer van de noordwestelijke richting. Zijn rijdier is de antilope. Het Thaise woord voor 'storm' (payu), alsook het Nederlandse woord 'waaien' zijn etymologisch verwant. Eveneens Wayu.

Veda (वेद)

Sanskriet. 'Kennis'. De term -meestal in het meervoud gebruikt- verwijst naar een verzameling van oude hymnen en verzen, heilig in het hindoeïsme en waarvan de vroegste geschreven werd tussen 1500 en 2000 VC. Volgens de Ariërs waren deze teksten goddelijk geopenbaard en hun cultuur was er volledig op gebasseerd. In totaal zijn er vier Veda's: Rig, Sama, Yajur, en Atharva.

Vedanga (àÇ·Ò§¤ì)

Thais-Sanskriet. Zes verhandelingen in het Sanskriet over grammatica en rituelen.

Vedanta (वेदान्त, àÇ·Ò¹µì)

Sanskriet-Thais. 'Het einde van de Veda', d.i. complete kennis. De term verwijst naar de fundamentele waarheid zoals uitgedrukt in de Veda's en in het licht van de leer zoals beschreven in de Upanishads, filosofische verhandelingen in het Sanskriet. Eén van de zes grote leerscholen van de hindoefilosofie.

Veda's

Zie Veda.

vedika (वेदिका)

Sanskriet. Een balustrade rond een chaitya of een voorwerp van aanbidding.

Vegetarisch Festival

Zie thetsakaan kin jae.

verbindingsbalk

Horizontale balk die de lage uiteinden van de twee belangrijkste tegenover elkaar gelegen dakspanten met elkaar verbind en de basis vormt voor de dakkap of het gebint.

Vereenigde Oostindische Compagnie

Oud-Nederlandse benaming voor de Verenigde Oostindische Compagnie. Zie ook V.O.C..

Verenigde Oostindische Compagnie

Naam van de eerste multinational ter wereld, opgericht in 1602 door de Staten-Generaal, om handelsactiviteiten in het Verre oosten en Zuid-Azië uit te voeren. In oud-Nederlandse spelling werd het bedrijf de Vereenigde Oostindische Compagnie genoemd, afgekort met de initialen V.O.C. die vertegenwoordigd zijn in het bedrijfslogo, een grote hoofdletter V met een O op de linker- en een C op de rechterzijde. Onder deze naam zette het bedrijf een aantal permanente overzeese handelsposten op, de eerste in 1603, in Banten (Bantam), op West-Java, waardoor het haar invloed en macht op de Aziatische handelsroutes consolideerde. In 1604 kwamen de Nederlanders voor het eerst naar Ayutthaya, in de hoop om met de hulp van lokale handelaren een landroute naar China op te zetten, een ambitie die echter nooit werd uitgevoerd. In 1608 stichtte de V.O.C. wel een factorij (een magazijn en kantoor van een handelsonderneming in een vreemd land) in Ayutthaya en de Nederlandse wijk op de oevers van de Chao Phraya Rivier kreeg bekendheid als het meest elegante en indrukwekkendste deel van de stad. Het jaar daarop, in 1609, stichtte de V.O.C. een tweede handelspost in de zuidelijke zeehaven Pattani. Op 12 juni 1617 tekenden de landen een handelsverdrag waarbij Nederland een monopolie werd verleend in de handel van dierenhuiden. Doordat de V.O.C. beschermd werd door haar eigen oorlogsschepen en de zaken goed liepen, had de V.O.C. een erg sterke onderhandelingspositie. Mede hierdoor wist Nederland tevens een monopolie in tin afkomstig uit Nakhon Sri Thammarat te verkrijgen. Maar in 1636 werden er restricties geplaatst op de handelsactiviteiten van de V.O.C. ten gevolge van het Picknick Incident , een voorval waarbij een twaalftal Nederlanders in dronken toestand de paleiselijke veiligheidsvoorschriften hadden geschonden en zich beledigend en plaagziek hadden gedragen tegenover sommige Siamezen. Tegen het midden van de 17de eeuw was de handel met Ayutthaya zeer lucratief geworden en had de V.O.C. zich gevestigd als onderdeel van een handelsdriehoek, die enerzijds goederen zoals huiden, tin en rijst exporteerde, en anderzijds goederen uit de verschillende Aziatische havens importeerde, waaronder zilver uit Japan en textiel uit India. Tegen 1669, was de V.O.C. de rijkste private handelsonderneming ter wereld, met meer dan 150 handelsschepen, 40 oorlogsbodems, 50.000 werknemers en een privaat leger van 10.000 soldaten. Doch, toen Japan tegen het einde van de 17de eeuw een verbod op de import van dierenhuiden uit Ayutthaya instelde, reageerde Ayutthaya met het besluit om ook Chinese handelaren tot de handel in dierenhuiden toe te laten, waardoor het Nederlandse handelsmonopolie werd doorbroken. Dit was een keerpunt dat resulteerde in het einde van de handelsdriehoek en een aanzet was tot de achteruitgang van de Nederlandse handelspost in Ayutthaya, die in 1741 wegens zware financiële verliezen werd gesloten. De handel ging echter door en in 1747 werd de factorij heropend. Tijdens de 17de en 18de eeuw vereisten de Ayutthayaanse koningen soms de hulp van V.O.C. soldaten, die in dienst waren als begeleiders van de handelsschepen in het geval deze werden aangevallen door piraten of handelsrivalen, om in ruil voor handelsprivilegies als huurlingen in het Siamese leger te dienen. Siamese koningen deden daarnaast ook een beroep op de vaklui van de V.O.C., om hen te helpen bij de bouw van schepen naar westers model. Vóór de val van Ayutthaya in 1767 verhuisde de V.O.C. haar personeel en goederen uit het koninkrijk en hun nederzetting werd een bolwerk voor Chinese huurlingen in de Birmese oorlog tegen Ayutthaya. Door de afname van de vraag naar suiker uit Indonesiё, de toenemende concurrentie op de wereldmarkt en de verzadiging van de Europese markt, raakte de V.O.C. in financiële moeilijkheden, werd bankroet verklaard en werd in 1800 officieel ontbonden.

vergulde lakboomhars

Term voor de Thaise kunstvorm laai rod nahm, letterlijk een 'patroon gewassen met water'. Deze kunst bestaat uit vergulde dessins die verkregen worden door ze eerst uit te lijnen op een vlak van gepolijst lakboomhars. Vervolgens wordt het gedeelte dat later de achtergrond moet worden ingesmeerd met een werend produkt. Dan wordt het volledige oppervlak met een harsachtige stof bedekt, waaraan het nadien aangebrachte bladgoud zal blijven kleven. Vervolgens wordt het oppervlak zachtjes 'met water gewassen' waardoor de 'verweerder' wordt verwijderd terwijl het bladgoud blijft kleven op het ontwerp. Vergulde lakboomhars vindt vaak toepassing in de tempelarchitectuur en als versiering op meubilair, vnl. op geschriften kabinetten (fig.) waarin religieuze manuscripten worden bewaard.

Verlichting

De boeddhistische staat die men bereikt terwijl men nog op aarde leeft. De Boeddha bereikte deze gezeten onder een bodhiboom. Navolgelingen kunnen deze staat bereiken en verlossing van alle lijden en verdere wedergeboortes bekomen door het volgen van de Vier Edele Waarheden en het Achtvoudige Pad. Zie ook bodhi en nirvana.

verloren was

Een techniek gebruikt bij het gieten van brons. De techniek in de geïndianiseerde landen van Zuidoost-Azie is verschillend  aan die van China en het Westen.

Vessantara

Pali voor Wetsandorn.

Vessantara jataka

Zie Wetsandornchadok.

viagra (व्याघ्र)

1. Sankriet voor 'tijger'. Ook vyaghra getranscribeerd.

2. Commerciële naam van het medicijn sildenafil citrate, een geneesmiddel gebruikt voor de behandeling van impotentie.

victoria amazona

Zie victoria regia.

victoria regia

Latijn. Tropische waterplant met reusachtige bladeren. Draagt soms witte bloemen die na bestuiving roze kleuren en na één tot twee etmalen vergaan. Ook victoria amazona of reuzenwaterlelie genoemd. In het Thais bua victoria, maar omwille van haar vorm ook bua kradong genoemd, naar een platte ronde wan (fig.).

Victorie Monument

Zie Anusawarie Chai Samora Phum.

Vier Edele Waarheden

De grondbeginselen van het boeddhisme zoals verkondigt door de Boeddha. De Vier Edele Waarheden zijn ten eerste, het erkennen dat het lijden bestaat; ten tweede, dat het lijden ontstaat door het verlangen en zich vastklampen aan aangename dingen; ten derde, dat men na het ontdekken van de oorzaak van het lijden hieraan een einde kan stellen; en ten vierde, dat men dit kan doen door het volgen van het Achtvoudige Pad dat een einde stelt aan alle lijden.

Vier Ontmoetingen

De vier waarnemingen door prins Siddhartha waardoor hij zijn vorstelijk leven verliet en een asceet werd. In het Theravada boeddhisme zijn dit een oude man, een zieke, een dode, en een rondzwervend asceet, die bedelde zonder enige gehechtheid of haat en met innerlijke rust. Aangesproken door de kwaliteiten van deze monnik en de toestand van de overige drie ruilt Siddhartha zijn prinselijk leven uiteindelijk in voor een religieus leven. Vaak uitgebeeld in tempeldecoraties. Zie ook de Thaise benaming thevathut sie.

vihaan

Pali voor viharn.

vihara (विहार)

Sanskriet voor viharn.

viharn (ÇÔËÒÃ)

Thais. Een woord afgeleid van het Sanskriet woord vihara, in het Thais gewoonlijk viharn (wihaan) genoemd. Oorspronkelijk was het de verblijfplaats voor boeddhistische monniken. In een Thais tempelcomplex is het de tegenhanger van de bot, maar wordt onderscheiden doordat het niet omringd is door bai sema, markeerstenen die wel te zien zijn rondom een bot. Het is eveneens de hal waar soms boeddhabeelden worden bewaard. Ook vihaan gespeld.

Vijayanagara (ವಿಜಯನಗರ, विजयनगर)

Kannada-Hindi. 'Stad der Overwinning/Zege'. Een machtig koninkrijk in midden Zuid-India in de 15de en 16de eeuw AD, met als hoofdstad Hampi. Eveneens een kunststijl uit die periode en regio.

viman (ÇÔÁÒ¹)

Thais. Een kasteel in de lucht. Verblijfplaats der engelen, paradijs. Uitspraak vimaan.

vimana (विमान)

1. Sanskriet. Een strijdwagen of koets van de goden, een mythologisch vliegend tuig.

2. Sanskriet. In een toren verheven schrijn bij hindoeïstische tempels in Zuid-Indische stijl. Ook gekend als een vimanam-toren. Zijn Noord-Indische tegenhanger wordt sikhara genoemd.

Vimanmek (ÇÔÁÒ¹àÁ¦)

Thais. 'Paradijs in de wolken'. Een drie verdiepingen tellend herenhuis in Europese stijl, volledig opgetrokken in teakhout, zonder gebruik te maken van spijkers. Het werd gebouwd in 1868 op het eiland Koh Si Chang, vóór de kust van Chonburi. In 1897 werd het het buitenverblijf van Rama V, na zijn terugkeer uit Europa. In 1901 werd het overgebracht naar Dusit in Bangkok, waar het de residentie was van koning Chulalongkorn, die er woonde tussen 1901 en 1906. In 1935 werd het gesloten maar in 1982 weer heropend als een museum door koningin Sirikit om het tweehonderdjarig jubileum van Bangkok te vieren.

Vinay (ÇÔ¹ÑÂ)

Sanskriet-Thais. Het canonieke orgaan of de kerkelijke leerstelling van regels over de monastieke discipline. Het bindt de Sangha en is beschreven in de Vinaya Pitaka of Vinay Pidok, het eerste deel van de Tripitaka. Zie ook Boeddhistische voorschriften.

Vinaya (विनय)

Sanskriet voor Vinay.

virasana (वीरसन)

Sanskriet. 'Houding van de held'. Een asana vaak gezien in de iconografie en waarin de rechtervoet rust op het linkerdijbeen, met de linkervoet onder de rechterdij.

Visakha (ÇÔÊÒ¢Ð)

Zie Visakha Bucha.

Visakha Bucha (ÇÔÊÒ¢ºÙªÒ)

Thais. De jaarlijkse herdenking van de Phrasoet (geboorte), Verlichting en het Parinippahn (heengaan) van de Boeddha. In de tempel wordt dit herdacht door een processie met kaarsen, het zingen van mantra's en het geven van preken. In Thailand is dit een nationale feestdag (Wan Visakha Bucha) en valt op de 15de dag van de wassende maan in de zesde maanmaand. Dit is gewoonlijk in de tweede helft van de maand mei. Ook kortweg Viskaha.

visbeen

Materiaal gebruikt om artefacts van te maken, hetzij uitgesneden beeldhouwwerken of fijngemalen en gemodelleerd in combinatie met kunsthars.

Vishnoe (विष्णु)

Eén van de hoofdgoden van het hindoeïsme, behoeder van het universum en tweede god in het hindoeïstische Trimurti of drie-godendom, waartoe ook Brahma en Shiwa behoren. Hij wordt vaak afgebeeld met vier armen, die een lotus, chakra, schelp en knuppel vasthouden (fig.), en zowel gezeten als rechtopstaand (fig.), of liggend op de slang Ananta drijvend op de kosmische zee (fig.). Hij is in negen verschillende vormen of avatara's  naar de aarde afgedaald om de vrede te herstellen en kwade machten te bedaren, namelijk als een vis, een schildpad, een mannetjesvarken, de man-leeuw Narasingha, de dwerg Vamana, Balarama, Ramachandra (fig.), Krishna en de Boeddha. Zijn tiende avatara moet nog komen. Zijn rijdier is de Garoeda. In Thailand Phra Witsanoe en Phra Narai genoemd. Hij heeft twee gemalinen: Bhumidevi en Lakshmi, die ontstond tijdens het omroeren van de Oceaan van Melk. In combinatie met Shiwa is hij gekend als Harihara (fig.). Bij een linga wordt Vishnoe voorgesteld als het achthoekige prisma-gedeelte (fig.).

Vishvantara (विश्वन्तर)

Sanskriet voor Wetsandorn.

visstaart-palm

Benaming voor een soort sierpalm met de Latijnse naam caryota mitis. Zowel de bloemen als de vruchten groeien in clusters en zijn te vergelijken met die van de arecapalm. De wortel wordt geneeskundig gebruikt en de zachte binnenkant wordt gegeten met een dipsaus, gewoonlijk nahm phrik, een chilisaus bereid van garnalenpasta. De benaming is afgeleid uit het Engels en verwijst naar het gebladerte dat de vorm heeft van een visstaart. In het Thais tao rahng.

vitarka (वितर्क)

Sanskriet. Een moedra waarbij de Boeddha één of twee handen voor zich uithoudt met de palm naar voren gericht terwijl een circel wordt gevormd met de duim en wijsvinger. Deze moedra betekent 'uiteenzetting' en duidt evanals de dhammachakka-moedra (fig.), waarbij de Boeddha met twee handen een cirkel vormt, op onderwijs.

vleermuis

Muisachtig handvleugelig nachtdier (fig.). In China is het een symbool voor geluk daar de uitspraak van fu, het Chinese woord voor 'vleermuis', de klank van het woord foe echoët, wat 'geluk' betekent. Het komt derhalve vaak voor in de Chinese iconografie, zo wordt ze bijv. vastgehouden door Zhong Kui, een machtig bedwinger van geesten en demonen (fig.), en de god Fu (Hok) wordt gesymboliseerd als een vleermuis. De vleermuis komt tevens voor in de kunst (fig.), alsook op meubels, en zowel in zijn natuurlijke vorm dan als gestileerd als een logo (fig.). Indien vijf vleermuizen gelijktijdig worden afgebeeld, dan staan dezen voor fortuin, een lang leven, goede gezondheid, liefde en een mooie dood door een natuurlijke oorzaak. Het wordt geloofd dat vleermuizen vreugde en vrede in iemand's leven kunnen brengen.

vliegend hert

Zie neushoornkever.

vliegeren

Een populaire bezigheid in het begin van het hete seizoen in Thailand is het oplaten van allerlei vliegers. Dit gebeurt zowel als vrijetijdsbesteding als in de vorm van wedstrijden of vliegergevechten. Het werd vastgesteld dat Thaise vliegers reeds bestaan sinds de Sukhothai-periode. Een interessante vlieger is de zgn. 'zingende' toei-toei. In het Thais waw en chak waw.

vliegergevechten

Traditionele sportwedstrijd met twee teams waarbij men tracht elkaars vlieger in de lucht uit te schakelen door over een scheidslijn te trekken. Tijdens het bewind van koning Rama V werd het vleigeren een populaire sport en er werden wedstrijden gehouden met prijzen alsook met zegeningen van de koning. Op 3 april 1983 werd een revival van de Thaise Vliegerwedstrijd gehouden op Sanam Luang, een groot grasplein vóór het Koninklijk Paleis Phra Rachawang in Bangkok. Wedstrijden worden gespeeld met een kleine diamantvormige vrouwelijke vlieger, pak pao (fig.) genoemd, tegen een grote vijfhoekige mannelijke vlieger met een lengte van bijna twee meter en die chula (fig.) wordt genoemd. Wedstrijden worden tegenwoordig gewoonlijk gehouden in het begin van het hete seizoen, op Sanam Luang. Zie ook toei-toei.

V.O.C.

Afkorting voor de oud-Nederlandse 'Vereenigde Oostindische Compagnie' of de 'Verenigde Oostindische Compagnie', in moderne spelling.

voetzoeker

Zie pratad fai.

vogelbot-prognostiek

Ritueel waarin de uitkomst van bepaalde gebeurtenissen geïnterpreteerd wordt aan de hand van het lezen van de botten van pluimvee. Het wordt gewoonlijk gepraktiseerd door een sjamaan en het gevogelte kan een kip, hoen, hen, haan of zelfs een kuiken zijn, afhakelijk van de situatie of functie. In Thailand is het nog steeds een gangbare praktijk bij de meeste noordelijk bergstammen. Vóór de prognostiek voert de sjamaan een invocatie uit. Hij houdt de vogel in zijn linkerhand en met zijn rechterhand houdt hij de nek van het dier naar het oosten gericht terwijl hij zijn bezweringen reciteert. Na de incantatie doodt hij de vogel, verwijdert de botten van de dijbenen en prikt hen met kleine puntige bamboe-stokjes. Het botje van het rechtse dijbeen wordt het eerst verwijderd en daarna dat van het linkse. Ze worden vervolgens naast elkaar geplaatst en geprikt met bamboe-stokjes waarvan de positie ten opzichte van elkaar gelezen kan worden. Vogelbot-prognostiek wordt reeds sinds de oudheid gepraktiseerd om onenigheden te regelen, voor leiding bij belangrijke werken, bij de jacht, in familiezaken en religieuze aangelegenheden. Eén enkel bot kan wel tot zeven gaatjes hebben en de interpretatie is nogal ingewikkeld. Er zijn in totaal 42 symbolen die op zich kunnen vertakken in meerdere interpretaties en een bedreven sjamaan kan wel 170 interpretatie-mogelijkheden hebben. Volgens een overlevering van de Kayan begon de kunst van de vogelbot-prognostiek toen een oude man die zijn nalatenschap aan zijn drie zonen wenste over te dragen, een gouden perkamentrol oormerkte voor zijn oudtse zoon, een zilveren rol voor zijn tweede zoon en een papieren perkamentrol voor zijn jongste zoon. Aangezien de oudste zoon ver weg in een boedereij in de bergen woonde en hiervan niet op de hoogte was, besloot de jongste zoon hem de rol te brengen. Bij zijn aankomst trachtte hij zijn broer over de perkamentrol te vertellen maar die had het zo druk dat hij er geen aandacht aan besteede en zijn jongere broer vroeg om te wachten. Na verloop van tijd werd de jongste zoon het beu om nog langer te wachten en besloot om de gouden perkamentrol voor zichzelf te houden. Hij liet daarom de papieren perkamentrol achter op een boomstronk en keerde weer huiswaarts. Na zijn werk ging de oudste zoon op zoek naar de rol maar kon deze niet vinden en vroeg daarom aan zijn hond waar de rol gebleven was. De hond zei dat hij hem had opgegeten en reeds als uitwerpselen had laten vallen. De man vroeg toen waar hij zijn uitwerpselen had laten vallen en de hond antwoordde dat een kip deze reeds had opgegeten. De man ging toen naar de kip en vroeg de kip waar de uitwerpselen van de hond waren. De kip zei dat deze reeds geassimileerd waren en zich nu in haar lichaam bevonden, hierbij met de uiteinden van haar vleugels wijzend naar haar dijbenen. Als laatste toevlucht moest de man dus de botten van de kip die de uitwerpselen van de hond had gegeten lezen, daarbij de gaatjes erin interpreterend alsof het het schrift van de perkamentrol betrof.

Volkslied

Zie Phleng Chaht Thai.

votiefplaatje

Zie votiefplaquette.

votiefplaquette

Een religieus plaatje of plaquette gemaakt om een wens of gebed uit te drukken, of om de vervulling van een belofte te betuigen. Ook votiefplaatje en vergelijkbaar met een pata.

vyaghra (व्याघ्र)

Zie viagra.